Wonen in Nederland in 2025: dit gaat er allemaal wél goed
De stemming in Nederland is somber, als we het Sociaal en Cultureel Planbureau mogen geloven. Toch zijn er genoeg zaken die juist uitstekend gaan in ons land. We zetten de positieve ontwikkelingen op een rij.
Lonen stijgen harder dan de inflatie
Ja, boodschappen zijn duurder geworden. En ook de huurprijzen zijn gestegen. Maar de lonen stegen nóg harder in Nederland, zeker in vergelijking met andere Europese landen. Werkende Nederlanders zijn relatief minder geld kwijt aan vaste lasten dan een paar jaar geleden.
In het derde kwartaal van 2025 stegen de cao-lonen met 4,6 procent ten opzichte van een jaar eerder. De inflatie bedroeg in oktober 2025 slechts 3,1 procent. Dat betekent dat de koopkracht van werkenden toeneemt, meldt het CBS.
In 2024 stegen de cao-lonen zelfs met 6,5 procent, de grootste loonstijging sinds 1982. Die stijging was nodig om het koopkrachtverlies uit de jaren 2021-2023 in te lopen. In 2025 ligt de koopkracht naar verwachting weer op het niveau van voor de inflatieschok.
Toch dringt dit goede nieuws nog niet tot iedereen door. Nederlanders blijven pessimistisch over het economisch klimaat. Dat komt volgens economen door het ‘stickereffect’: je ziet de prijzen in de supermarkt veel vaker dan de loonstijging op je loonstrook. Negatieve ervaringen blijven daardoor langer hangen dan positieve ontwikkelingen.
Een kanttekening blijft nodig. Dertien procent van de huishoudens besteedt meer dan driekwart van het netto salaris aan vaste lasten. Deze groep heeft weinig financiële bewegingsruimte. Maar ook hier is goed nieuws: die groep wordt kleiner. In 2020 ging het nog om zestien procent van alle huishoudens, constateert Rabobank in de Inflatiemonitor.
Criminaliteit blijft laag
Het lijkt alsof we overspoeld worden door berichten over geweld en criminaliteit. Toch zijn de cijfers al decennialang dalend. In 2024 registreerde de politie 812.000 misdrijven, iets minder dan de 816.000 in 2023. Dat zijn gemiddeld 2.220 misdrijven per dag.
Tussen 2010 en 2018 daalde het aantal geregistreerde misdrijven met 35 procent. Van 1,2 miljoen naar minder dan 800.000 per jaar. Sinds 2018 schommelt het aantal rond hetzelfde lage niveau, blijkt uit CBS-cijfers.
Ook misdrijven met grote impact op slachtoffers nemen af. Het aantal woninginbraken daalde naar 22.000 in 2024. Tien jaar eerder waren dat nog 71.000 inbraken. Jeugdcriminaliteit is meer dan gehalveerd sinds 2010. In 2024 werd 1,5 procent van alle jongeren tussen 12 en 23 jaar geregistreerd als verdachte van een misdrijf.
Waarom voelen we ons dan onveiliger? Volgens hoogleraar Marieke Liem van de Universiteit Leiden krijgt elk misdrijf dat nóg gebeurt veel aandacht in de media. Dat wat er overgebleven is, lijkt daardoor groter. Onze tolerantie voor geweld is ook kleiner geworden. Liem noemt dit de veiligheidsparadox: we zijn objectief veiliger, maar voelen ons subjectief onveiliger.
Benieuwd naar de meest criminele stad van Nederland? Lees dit artikel!
Nederlandse kinderen blijven gelukkigst ter wereld
Van alle welvarende landen ter wereld zijn jongeren in Nederland het gelukkigst. Dat blijkt uit onderzoek van UNICEF, waarin 43 landen met elkaar vergeleken werden. Nederland staat op nummer één als het gaat om algemeen welzijn van kinderen.
Zevenentachtig procent van de vijftienjarigen geeft aan gelukkig en tevreden te zijn met hun leven. Dat is het hoogste percentage van alle onderzochte landen. Nederlandse kinderen praten relatief veel met hun ouders en worden weinig gepest. Ook scoren ze hoog op fysieke gezondheid, meldt UNICEF Nederland.
Volgens Geertjan Overbeek, hoogleraar pedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam, hebben Nederlandse jongeren vaak een positieve relatie met hun ouders. Kinderen voelen zich gesteund, ervaren veel warmte en krijgen duidelijke regels die goed worden uitgelegd. Dat helpt bij hun mentale gezondheid.
Toch is niet alles rozengeur en maneschijn. De lees- en rekenprestaties van Nederlandse kinderen gingen achteruit tussen 2018 en 2022. Ook steeg het percentage kinderen met overgewicht naar 17,6 procent. Deze cijfers tonen dat ook in Nederland aandacht nodig blijft voor onderwijs en gezondheid.
Het goede nieuws staat wel in schril contrast met de zorgwekkende geluiden over mentale gezondheid bij jongeren. Dat komt volgens Overbeek door een verschuivende norm. Hoe gelukkiger we met elkaar zijn, hoe meer we dat laten zien. Wie zich minder gelukkig voelt, gaat daardoor sneller denken dat er iets mis is. De norm voor geluk wordt steeds hoger, terwijl de meeste kinderen gewoon gelukkig opgroeien.
Vertrouwen in instituties neemt toe
We hebben misschien weinig vertrouwen in de politiek, maar het vertrouwen in instituties is sinds 2012 juist toegenomen. Dat blijkt uit recente cijfers van het CBS. Het gaat om hogere cijfers voor 2024, afgezet tegen 2012.
In 2024 had 79 procent van de Nederlanders van 15 jaar of ouder vertrouwen in de politie. In rechters had 78 procent vertrouwen, en in het leger 68 procent. Al deze percentages zijn hoger dan in 2012, toen respectievelijk 68, 69 en 59 procent van de bevolking vertrouwen had in deze instituties, blijkt uit onderzoek van het CBS.
Ook het vertrouwen in banken, ambtenaren, de pers en de Europese Unie nam toe. Vijftig procent van de Nederlanders had in 2024 vertrouwen in de EU, tegen 39 procent in 2012. Het vertrouwen in ambtenaren steeg van 41 naar 46 procent.
Ron van Wonderen, onderzoeker bij het Verwey Jonker Instituut, noemt het goed dat we in een vertrouwenssamenleving leven. Mensen hechten aan het bestaan van instituties en geloven in hun legitimiteit. Dat is een belangrijke pijler onder de democratie.
Een kanttekening blijft wel op zijn plaats. Het vertrouwen in de Tweede Kamer en in politici daalde na 2020 flink. In 2024 had slechts 42 procent vertrouwen in de Tweede Kamer en 31 procent in politici. Dat is minder dan in 2020, maar nog altijd meer dan in 2012. Het vertrouwen is kwetsbaar en instituties moeten blijven functioneren om dat vertrouwen vast te houden.
Meer vertrouwen in elkaar
Niet alleen het vertrouwen in instituties nam toe. Ook het onderlinge vertrouwen tussen mensen groeide. In 2024 gaf 66 procent van de bevolking aan vertrouwen te hebben in de medemens. In 2012 was dat nog 58 procent.
Dit vertrouwen in elkaar is belangrijk voor de sociale samenhang. Mensen die anderen vertrouwen, zijn eerder geneigd om samen te werken en elkaar te helpen. Dat maakt een samenleving weerbaarder en prettiger om in te leven.
Blijf investeren in de basis
De positieve ontwikkelingen zijn er dus. Nederland doet het op veel gebieden goed. Maar dat betekent niet dat we achterover kunnen leunen. Om de goede positie vast te houden, blijft investeren nodig. In onderwijs, gezondheidszorg, politie en rechtspraak. In voorzieningen zoals bibliotheken, zwembaden, sport en cultuur.
Ook vraagt een groeiende groep kwetsbare mensen om extra aandacht. Kinderen in armoede, mensen met financiële problemen, gezinnen met psychische problematiek. Zij vallen nu soms tussen wal en schip. Het goede nieuws is: we weten waar de uitdagingen liggen. En we hebben de middelen om eraan te werken.
De somberheid waar het Sociaal en Cultureel Planbureau over spreekt, is dus maar een kant van het verhaal. De andere kant laat zien dat veel dingen juist goed gaan. Lonen stijgen, criminaliteit daalt, kinderen zijn gelukkig en we vertrouwen elkaar. Dat zijn sterke fundamenten om op verder te bouwen.




